Historie der DRV Euros
'Of hoe de roeivereniging een roeivereniging geworden is.'
Begin jaren zestig was er nog niets. Helemaal niets. Roeien was in Enschede nog niet mogelijk, de dichtst bijzijnde roeivereniging was Tubantia, over de sluis. Toen werd de Technische Hogeschool Twente opgericht op het landgoed Drienerlo. Enige lieden vonden destijds dat een Hogeschool zonder studentenroeivereniging geen recht op bestaan had en daarom werd 9 April 1965 de Drienerlose Watersport Vereniging Euros opgericht.
In de loop der jaren is de vloot flink aan het groeien gegaan en al in 1966 werd er een bootsman door Lichamelijke Vorming & Sport (LV&S) aangesteld. Na een gedegen opleiding onderhoudt Marinus nu al ruim 40 jaar onze vloot. De Drienerlose Watersport Vereniging Euros heeft niet lang bestaan, want al in 1969 valt Euros uit elkaar en wordt zij opgesplitst in een roei-, kano- en zeilvereniging, ieder met een eigen bestuur en eigen financi?e verantwoordelijkheid.
Het roeien
In de beginjaren bestond de vereniging vrijwel geheel uit wedstrijdroeiers, het regioroeien ontstond in de jaren zeventig. Pas in de jaren tachtig wordt het clubachten geïntroduceerd om de opstap naar het wedstrijdroeien te vergemakkelijken.
Een opmerkelijke anekdote over de wedstrijdgroep van weleer is bewaard gebleven. Toen iedereen nog op de campus woonde en verplicht in de mensa at, vonden enige roeiers het stukje vlees in de mensa te klein. De toenmalige campusarts, die zeer sportminded was werd om advies gevraagd. Hij bleek zeer gevoelig voor de argumenten en benaderde de sportraad voor subsidie. Onder zijn druk werd dit geld omgezet in biefstuk, waarna de wedstrijdroeiers gezamenlijk iedere avond na hun harde trainen in de mensa een biefstukje nuttigden.
Hoe dit ooit heeft kunnen verwateren valt niet meer te achterhalen.
Het onderkomen
Het onderkomen van de Drienerlose Roeivereniging Euros is momenteel het Universitair Watersport Complex (UWC) genaamd ‘Sevende Camer’. Meer informatie over het huidige gebouw leest u ook op de pagina over het gebouw. Voordat Euros door de Universiteit verwend werd met het superluxe UWC zijn er echter heel wat strubbelingen geweest. Daarover meer in dit hoofdstuk van de geschiedenis der DRV Euros.
In den beginne was er ‘De Kwispedoor’. De Kwispedoor ontstond bij de botenloods op het terrein van Van den Broek Staalbouw. Meer dan een oude directiekeet was het niet. De keet werd deels ingericht als kleedkamer en een deel als kantine. In deze kantine stond niet meer dan een oliekachel, enkele kratten fris en bier en een streeplijst. Een douche was er nog niet.
In 1970 deelt Van den Broek mee dat zij de grond waar de botenloods opstaat wil gebruiken voor uitbreiding van hun bedrijf. Na koortsachtig overleg tussen Euros, LV&S en het Technische Hogeschool Twente (THT) bestuurscollege krijgt Herman Haan, de ontwerper van het sportcentrum, de opdracht om een botencentrum te ontwerpen, die aan de volgende eisen moet voldoen:
- Botenberging op waterniveau.
- Ruime werkplaats met diverse houtbewerkingsmachines voor de bootsman.
- Een gezelligheidsruimte/kantine en een vergaderruimte.
Dit laatste resulteerde in het ontwerp van een torentje bovenop het gebouw, van waaruit het bestuur kon neerzien op de verrichtingen van de dierbare leden. Tevens kon deze toren gebruikt worden als starttoren bij mogelijke wedstrijden. Prijs voor dit torentje alleen al fl. 100.000.
De laatste wens was een woonruimte voor de bootsman en familie. Deze was dermate ruim opgezet, dat Marinus spontaan vroeg of hij nu ook een butler in dienst moest nemen voor de werkzaamheden thuis. Er was zelfs aan ontspanning voor het gezin Goedhart gedacht door de aanleg van een dakterras dat zo'n beetje oppervlakte had van een voetbalveld.
Vlak naast de Lonnekerbrug werd een locatie gevonden voor het nieuwe onderkomen. De tekeningen en de grond waren rond en over geldzaken werd onderhandeld. Dan plots kondigt Den Haag een rijksbouwstop af. Weg alle moeite, weg alle illusies. Daarom is als noodoplossing het onderkomen gebouwd, dat tot 1999 dienst deed. Een eenvoudige bouwkeet die in 1991 flink is uitgebreid. Ook de botenloods bleek in 1986 te klein. Onder leiding van Marinus, de bootsman, en de bouwcommissie verrees een verdubbelde versie van de oude botenloods. Op 5 Februari 1988 werd de botenloods geopend door de voorzitter van de K.N.R.B. de heer Landaal.
In 1989 werd ingezien dat als de vereniging zo blijft groeien, er duidelijk een ruimteprobleem ontstaat. Weer werd overlegd met LV&S en diverse andere instanties op de campus en er kon zowaar ton worden losgeweekt, waarvan Euros de helft in de loop van 20 jaar moet terugbetalen. Dit bedrag moet uit de inkomsten van de bar komen. In het najaar van 1990 gaat de bouw van start en ondanks enkele vertragingen kan op 12 April de officiële opening van de hernieuwde Kwispedoor plaatsvinden, verricht door de heer Everard, secretaris van de K.N.R.B.
Bij al deze (ver)bouwingen speelde de bootsman een vooraanstaande rol. Samen met studenten, waarvan de meesten nog nooit een hamer in handen hebben gehad, heeft hij in de afgelopen jaren veel verbouwd. Daarom werd hem bij de heropening een stoel aangeboden, waar alleen hij plaats in mag nemen, om eens lekker uit te rusten van al zijn bezigheden.
De plannen voor “het torentje” waren dan misschien wat te hoog gegrepen, maar Euros kon in de Kwispedoor niet verder groeien. Het keetje was ooit ook als tijdelijk onderkomen gebouwd. En dus hebben vele besturen en CBE’s zich hard gemaakt voor een nieuw statig onderkomen. Langzaam maar zeker kwam hiervoor ook begrip bij de Universiteit en zo kwam het dat in 1999 het Universitair Watersport Complex gebouwd kon worden. Een miljoenenproject wat een enorme boost voor de drie watersportverenigingen zou betekenen. 10 juni 1999 vond de officiële opening plaats. Twee jaar later werd ook de carpoort voor de ERC weer in ere hersteld. Dus nu heeft Euros alles wat zij zich wensen kan? Nou nee, er blijven altijd wensen natuurlijk. Er is altijd meer vraag naar loodsruimte en grond daarvoor en onderhandelingen hierover zijn reeds ingezet.






